Terug naar de Amazone 5

Het is de loomheid die hier allesbepalend lijkt, in het ritme van het water, in de manier waarop de kapitein over het stuurwiel hangt, bijna alsof hij slaapt, terwijl het geluid van de motor in monotone cadans van de voorbijglijdende oever weerkaatst.
Witte reigers zweven als lichtvlekken door het groen van de bomen en over het water. Voor zijn huis zit een man. Hij zwaait. Met zijn grote pet lijkt hij op de trompettist. Bye, bye, blackbird. Een vrouw, haar borsten bloot, wast kleren in de rivier, dezelfde rivier waaruit een kind, de handen tot een kom gevouwen, water schept en drinkt.

De kapitein wijst. Een leguaan. Prehistorische roerloosheid.

De vrouw uit São Paulo kijkt. “Waarom zit die vis in die boom?”